Een verbouwing is het moment waarop je huis even open ligt. De vloer is eruit, de wanden worden opnieuw gestuct en de elektricien trekt nieuwe leidingen. Juist dan kost het weinig moeite om ook netwerkkabels mee te nemen. Achteraf betekent het sleuven frezen, opnieuw stucen of kabelgoten die langs de plint lopen.
Wifi is prima voor je telefoon en je laptop op de bank. Voor een smart-tv, een werkplek, een spelcomputer of een zolder die net te ver van de router ligt, werkt een vaste kabel stabieler. Met een goed plan zitten die aansluitingen straks op de plekken waar je ze nodig hebt.
Begin bij wat er je huis binnenkomt
Elk netwerk in huis begint bij de plek waar internet binnenkomt. Daar staat je router en van daaruit lopen de kabels naar de rest van de woning. Welke plek dat is, hangt af van het soort aansluiting.
Bij glasvezel zit het aansluitpunt bijna altijd in de meterkast. Daar komen ook het kastje van je provider en de router en die hebben allebei stroom nodig. Bij kabel loopt internet via de coax aansluiting en die zit in oudere woningen nogal eens in de woonkamer. Wil je alles vanuit de meterkast laten vertrekken, dan moet er een kabel tussen die twee plekken komen. Bij DSL komt de telefoonlijn binnen in een klein aansluitpunt, meestal ook in de meterkast.
Weet je niet zeker wat er bij jou hangt, zoek dan eerst uit welke internetaansluiting je hebt voordat de elektricien de meterkast gaat indelen. Hangen er meerdere kastjes naast elkaar, kijk dan ook welke er echt in gebruik is. Zo voorkom je dat de router na de verbouwing aan de verkeerde kant van het huis uitkomt.
Bepaal per ruimte waar je een netwerkpunt wilt
Loop de plattegrond ruimte voor ruimte door en bedenk waar apparaten komen te staan. Kijk daarbij verder dan je huidige inrichting, want een tv-wand of bureau verhuist vaker dan je denkt.
- In de woonkamer achter het tv-meubel, het liefst een dubbel punt voor de tv en een mediaspeler of spelcomputer
- Op de plek van je werkplek, ook als die nu nog op zolder of in de logeerkamer staat
- In slaapkamers waar later een bureau of spelcomputer kan komen
- Aan het plafond van de gang of overloop, voor een wifi-accesspoint per verdieping
- Bij de voordeur of aan de gevel, voor een videodeurbel of camera
Een dubbele wandcontactdoos kost nauwelijks meer dan een enkele. Een internetpunt dat je nooit gebruikt, zit niemand in de weg. Een punt dat ontbreekt, merk je elke dag.
Kies kabel die jaren meegaat
Voor vaste bekabeling in de muur gebruik je installatiekabel met massieve aders, geen soepele patchkabel. Cat6 is voor een woning ruim voldoende en haalt gigabit snelheden zonder moeite. Wil je zeker weten dat je over tien jaar niet opnieuw hoeft te trekken, kies dan Cat6a. Die is dikker en iets duurder, maar kan hogere snelheden aan, ook over langere trajecten.
Leg netwerkkabels in een eigen buis en niet samen met de stroomdraden. Zo voorkom je storing en kun je een kabel later vervangen zonder aan de elektra te komen.
Leg loze leidingen voor later
Een loze leiding is een lege buis met een trekdraad erin. Tijdens de verbouwing kost dat weinig tijd en later bespaart het je hakwerk. Leg er in elk geval een tussen de meterkast en elke verdieping en een naar de plek waar je tv komt te hangen.
Kies een buis met ruimte. In een buis van 19 millimeter passen maar een paar netwerkkabels, in een buis van 25 millimeter gaat dat een stuk makkelijker. Houd de bochten ruim, want door een scherpe hoek krijg je later geen kabel meer getrokken.
Maak ruimte in de meterkast
Alle kabels komen samen op één plek en dat is meestal de meterkast. Naast de groepenkast moet daar ruimte zijn voor het aansluitpunt, de apparatuur van je provider, een switch en eventueel een patch paneel waar alle kabels netjes op uitkomen. Een meterkast die bij oplevering al vol hangt, is een bekende klacht na een verbouwing.
Laat een paar vrije stopcontacten plaatsen voor de netwerkapparatuur. Apparaten in een dichte kast worden warm, dus zorg voor wat ventilatie, bijvoorbeeld met een rooster in de deur. Geef elke kabel aan beide kanten een label met de ruimte waar hij naartoe loopt.
Leg vast wat er in de muur zit
Maak foto’s van de wanden en vloeren voordat ze dichtgaan met een rolmaat in beeld. Over een paar jaar wil je een schilderij ophangen of een kast vastschroeven en dan weet je waar de leidingen lopen. Bewaar de foto’s bij een plattegrond waarop je de netwerkpunten hebt ingetekend.
Het meeste werk zit in het vooraf bedenken wat je waar wilt hebben. De kabels zelf trekt de elektricien mee met de rest van de leidingen. Daarna merk je er alleen nog iets van als je een stekker in de muur steekt en alles gewoon werkt.

